| |
 |
| Ethische Perspectieven |
 |
| De wijzen gaven het vele namen. Zingeving vanuit de verscheidenheid aan religies. |
 |
 |
Winand M. Callewaert |
| |
Kapellen, Pelckmans- 1998 |
 |
| |
In februari 1965 vertrok Winand Callewaert als 22-jarige naar India met de uitdrukkelijke bedoeling er zijn verdere leven als missionaris te verblijven. Een jaar lang moest hij, zoals elke nieuwkomer op de Jezuïetenmissie, Hindi leren.
Omdat dat zo bijzonder vlot ging, besloten zijn oversten hem verder Indische talen te laten studeren. Hij vertrok in 1968 naar Benares en werd er ondergedompeld in een totaal andere cultuur. Hij ontmoette er mensen die aan hun eigen hindoecultuur voldoende hadden als zingeving. Daardoor onstond op een bepaald moment de vraag naar een herformulering van het eigen christelijk geloof in het licht van totaal andere, maar eveneens volledig bevredigende en zingevende tradities. Vandaag kan deze vraag bevreemdend overkomen, maar in het licht van een vrij onverdraagzaam christendom dat stelde dat er buiten de Kerk geen heil te vinden was, is dat goed te verstaan.
Het was voor hem een schok dat er in Benares niemand geïnteresseerd was in overtuigen. De grote verdraagzaamheid van het hindoeïsme laat iedereen toe te geloven wat hem of haar bevredigt. De diepe religiositeit die hij daar zag liet hem echter niet toe de religie van de Hindoe opzij te schuiven als bijgeloof of afgoderij.
Callewaert beschrijft de voorbeelden die hij had op zijn weg naar dialoog en wederzijds respect: grote figuren die de hindoecultuur niet diaboliseerden of als intellectueel onwaardig afdeden, maar haar bestudeerden en ermee voorzichtig in gesprek gingen. Op dat ogenblik werd de drang tot bekeren langzaam omgezet in dankbaarheid voor de verrijking die door het contact met deze vreemde religiositeit ontstond. Bovendien hield dit een uitdaging in om op zoek gaan naar de kern van de eigen traditie.
We zien in dit boek hoe de auteur worstelt met de exclusiviteitsaanspraken van het christendom en zich verzet tegen het rigorisme van een dogmatische theologie waarin een aantal theologische metaforen tot ultieme waarheden werden verheven. Het stoort Callewaert dat Rome de pogingen om te bekeren nooit heeft opgegeven, ook niet als er gesproken wordt over inculturatie en dialoog met andere religies. Deze dialoog wordt immers alleen begonnen om anderen te laten zien dat de katholieke Kerk dé weg is naar verlossing en heil en de inculturatie wordt door de Hindoe als een verkapte vorm van missionering ervaren.
De auteur stelt dat de hindoeïstische religiositeit een authentieke traditie is die de mens even goed als andere tradities openstelt voor de transformerende aanwezigheid van de Transcendente. Geen enkele traditie kan echter een perfecte ontmoeting met God garanderen, maar blijft altijd verweven met menselijke cultuurhistorische constructies. De exclusieve aanspraken van het christendom zijn achterhaald, zonder dat het christendom zelf achterhaald zou zijn. Het wordt echter tijd dat christenen precies door de confrontatie met andere religieuze tradities zich bezinnen over de kern van hun eigen geloof.
Boeiend in dit boek zijn die passages waar de auteur getuigt van zijn ervaringen in India en waar hij zijn persoonlijke twijfels en gesprekken weergeeft. De vraag is echter in welke mate de persoonlijke worsteling van de auteur met zijn verleden een actuele betekenis heeft. De vaststelling dat andere culturen en religies authentiek zijn is immers voor veel mensen een evidentie geworden.
|
|
| |
Stef Leemen |
 |
| Andere Boekbesprekingen |
 |
|
|