| |
 |
| Ethische Perspectieven |
 |
| Creativiteit. Over flow, schepping en ontdekking. |
 |
 |
Mihaly Csikszentmihalyi |
| |
Amsterdam, Boom- 1998 |
 |
| |
Mihaly Csikszentmihalyi is hoogleraar aan de Universiteit van Chicago en geïnteresseerd in de menselijke motivatie. Voor dit boek interviewde hij meer dan negentig hedendaagse kunstenaars en wetenschappers voor wie creativiteit een belangrijke rol speelt. De auteur merkt terecht op: “... geen enkel idee zal volkomen nieuw voor u zijn” (p. 9). Volgens Csikszentmihalyi komt een idee of product dat we `creatief' noemen niet zozeer voort uit de geest van één persoon als wel uit een combinatie van diverse bronnen. Creativiteit ontstaat volgens hem uit “de wisselwerking in een systeem dat bestaat uit drie elementen: een cultuur die symbolische regels bevat, een persoon die nieuwe dingen in het symbolische gebied invoert en een aantal deskundigen dat deze vernieuwingen herkent en beoordeelt” (p. 14).
Het boek is eerder beschrijvend dan analytisch en de geïnterviewde kunstenaars en wetenschappers komen soms uitgebreid aan het woord. Op deze manier krijgt de lezer een goed overzicht van het werk en de ideeën van een aantal uiterst boeiende mensen in diverse wetenschappelijke en artistieke disciplines en dit is ook het interessantste aspect van deze studie. Wie zich door de citaten van deze of gene respondent geroepen voelt om zich verder in diens werk te verdiepen, vindt een beknopte biografie met een overzicht van hun belangrijkste werken als bijlage.
In het laatste hoofdstuk doet de auteur enkele suggesties voor het vergroten van de eigen creativiteit of het brengen van flow in ons eigen leven. Dit ligt helemaal in de lijn van de Angelsaksische traditie van `zelfhulpboeken' en is nogal banaal met tips als `probeer elke dag iemand te verrassen', `doe meer dingen die u leuk vindt en minder dingen die u vreselijk vindt', `kom voor den dag met onwaarschijnlijke ideeën'enz..., kortom, dingen die de lezer met een minimum aan creativiteit ook zelf had kunnen bedenken.
Het boek wemelt helaas van de taal- en zetfouten, met soms nogal verrassende resultaten: “De Hongaarse regering kon de joden lang in bescherming nemen, maar op 19 maart 1994 (sic) bezetten Duitse troepen het land en grepen de fascisten de macht”. (p. 292) En verder: “Ook hij stelde zich, tevergeefs, kandidaat voor het Amerikaanse presidentschap. Wat overigens ook geld voor Eugene McCarthy, ...” (p. 215) “In 1950 bundelde Yalow en de arts Solomon A. Berson hun krachten, ...” (p. 208)
|
|
| |
Ria Vandebeek |
 |
| Andere Boekbesprekingen |
 |
|
|