| |
 |
| Ethische Perspectieven |
 |
| De kaken van mijn tijd. Aforismen uit zijn werk. Verzameld door Gerd de Ley. Ingeleid door Julien Vandiest. |
 |
 |
Friedrich Nietzsche |
| |
Damon, Best- 1997 |
 |
| |
Voor iedereen die kennis heeft gemaakt met het oeuvre van Friedrich Nietzsche of er zelfs maar ooit eens heeft in gegrasduind, lijkt het niet erg moeilijk om uit dit bij uitstek aforistisch werk een boekje met aforismen te destilleren. Het probleem is echter dat de enorme hoeveelheid materiaal een representatieve en interessante keuze niet vanzelfsprekend maakt. Gerd de Ley, bekend als auteur van het Modern Citatenboek, heeft met De kaken van mijn tijd in dit opzicht uitstekend werk geleverd. Van A tot Z krijgt de lezer een gevarieerd aanbod van trefwoorden waaronder aforismen staan die meestal iets van Nietzsche's complexe denken laten zien. Bij veel van deze trefwoorden staat slechts één aforisme, terwijl bij andere — vaak voorspelbaar — heel wat meer verrassende, prikkelende uitspraken te vinden zijn, zoals bij de sleutelbegrippen denken, boek, christendom, deugd, god, leven, mens, vrouw, waarheid enzovoort.
Laat men door een dergelijke aforismenverzameling Nietzsche tot zijn recht komen? Het antwoord is tegelijk bevestigend en ontkennend. Vermits Nietzsche zelf zijn uitspraken op een bijzonder eigenzinnige wijze aan elkaar reeg, kan men zeggen dat men hem op dat vlak in elk geval niet tekort doet. Langs de andere kant brengt men door aforismen uit verschillende werken uit verschillende periodes samen te voegen onder een trefwoord sneller tegenstrijdigheden aan het licht en negeert men als het ware de evolutie in dat denken. Toch moet men dat bezwaar niet overdrijven. De kaken van mijn tijd zal gemakkelijker een smaakmaker zijn voor een willekeurige lezer dan het eindpunt van zijn Nietzsche-lectuur.
Voor diegenen voor wie Nietzsche geen onbekende is, kan de inleiding de moeite waard zijn. Daarin vraagt Julien Vandiest zich af wat nu eigenlijk een aforisme is. In een aantal gezaghebbende naslagwerken, zoals de Encyclopaedia Brittanica of de Universalis komt het als lemma niet voor. In woordenboeken vindt men vaak een uitleg in de aard van “korte, kernachtige stelling”. Maar Vandiest merkt op dat in Schopenhauers Aphorismen zur Lebensweisheit niet één korte uitspraak te vinden is en dat Cioran na de publicatie van La chute dans le temps zelfs beweerde enkel aforismen te schrijven, terwijl ook in dat werk geen bondige uitspraken te vinden zijn. Men kan zich dus beter niet blind staren op de vorm maar eerder naar het effect van het genre kijken. Volgens Vandiest vallen dan twee dingen op. Op de eerste plaats dat het aforisme altijd verrast. Bij het lezen van aforismen wordt onze gewone ervaring van de werkelijkheid doorbroken en vallen we als het ware van de ene verbazing in de andere. Bovendien hebben deze verrassingen iets gemeenschappelijk, namelijk — en dat is de tweede opvallende eigenschap van het aforisme — dat ze berusten op een tegenstelling. De schrijver zorgt voor botsingen van ideeën. Zo gedefinieerd is er geen werk waarin dat meer tot uiting komt dan in dat van Nietzsche.
De kaken van mijn tijd misstaat op geen enkele boekenplank en kan dienst doen als een soort brevier voor vrije minuten.
|
|
| |
Stef Leemen |
 |
| Andere Boekbesprekingen |
 |
|
|