Ethische Perspectieven
Pelgrim in het leven: Estafettegesprekken voor een religieuze zoektocht.
Lucette VERBOVEN
  Kapellen, Pelckmans — Heeswijk, Dabar-Luyten-  2000
  Lucette Verboven is programmaker en interviewster bij `Het Braambos' op Canvas. Ze schreef eerder het scenario voor een docudrama over Hildegard von Bingen. In Pelgrim in het leven bundelde ze zestien gesprekken die eerder door KRO en Canvas werden uitgezonden. Het boek is reeds aan een vijfde druk toe. Het succes dient deels verklaard door het medium, deels door de belangrijke inhoud van enkele interviews.

Tot de geïnterviewden behoren schrijvers (als André Chouraqui en Paulo Coëlho), filosofen (Louis Dupré), monniken (o.m. Tessa Bielecki, Augustin Ichiro Okumura, Enzo Bianchi) en de Ierse politica Mary McAleese. Uiteraard vertoont de transcriptie van de gesprekken een vast stramien met naast korte biografische gegevens enkele hoofdvragen –die elkaar soms overlappen, quasi onvermijdelijk. Dit stoort nauwelijks omdat al spoedig het eigene van elke stem duidelijk wordt.

Enkele klemtonen bij wijze van Auslese. Dupré (Yale University) verdedigt — in het spoor van Jung, Eliade en de semiotici — het belang van symbolen en rituelen. Maar “God is altijd groter dan wat we over hem kunnen zeggen” (p. 107). Onze tijd kent een culturele crisis vergelijkbaar met deze op het eind van het Romeinse rijk. Er is weer behoefte aan heiligen: “Een heilige verhoogt standaarden” (p. 110) en “Ik zie religie niet als iets met een rol. Religie is een dimensie” (p. 112). Velen in deze bundel benadrukken de rol van stilte en meditatie in een tijd die dolgedraaid en te lawaaierig is. De Japanse karmeliet Okumura tracht zen en christendom te verzoenen: `God' en `Boeddha' zijn menselijke woorden. Je moet beide woorden overstijgen. `God' is niet God. God in het Japans is `kami' maar dat woord betekent ook `papier'. God is zoals een stukje papier, je kan het weggooien. Het komt erop aan geen geprefabriceerde ideeën te hebben. Je moet verder gaan dan woorden en ideeën (p. 54). De Italiaan Enzo Bianchi acht het belangrijk dat het monnikenleven weer de beweging wordt van de lekenbroeders uit de begintijd die celibatair leefden maar niet noodzakelijk priester werden –ondanks druk van de kerkelijke hiërarchie. Hij keert zich tegen de “afgod van een beschermd en geslaagd leven, de afgod van een leven waarin de één geen rekening moet houden met de ander” (p. 83).

Dat doen wel degelijk de Amerikaanse non Helen Prejean en de joodse Algerijn André Chouraqui. Prejean zette zich jarenlang in voor het lot van terdoodveroordeelden in de VS (haar inzet werd verfilmd in Dead man walking) en daklozen. “Het zijn de `niemanden', de thuislozen , die in de dodencel belanden omdat zij zich geen goede verdediging kunnen veroorloven” (p. 27). Chouraqui maakte niet alleen een magistrale vertaling van de bijbel in elf delen en later van de koran maar pleit ook voor een vredelievend samenleven met de moslims, zoals Martin Buber voor hem.

Oog voor de symboliek van het transcendente, een zoektocht naar de essentie middels stilte en meditatie maar ook inzet voor de armere en zwakkere medemens¼ deze thema's vormen de teneur van dit aanbevolen boek. Op deze weg — eigenlijk een terugkeer naar de bronnen — is er nog hoop voor het christendom.
 
  Hans Devroe
Andere  Boekbesprekingen