Ethische Perspectieven 24 (2014) 2
Voorwoord
Jelle Zeedijk
Het is een bekende klacht binnen de hedendaagse universiteit dat onderzoekers zo druk doende zijn met eigen publicaties en eigen onderzoek, dat er weinig tijd overschiet om te reflecteren over het werk van een collega. Nochtans is filosofie moeilijk denkbaar zonder de voortdurende dialoog tussen verschillende stemmen in een eindeloos gesprek; een gesprek dat letterlijk oeverloos is. Het is daarom goed dat zo nu en dan een dag wordt georganiseerd die aanleiding geeft om het gesprek voort te zetten. Dat dat niet altijd binnen de academie hoeft te gebeuren bewijst de vzw ‘Het Gemenebest’ uit Kalmthout, die op 8 februari 2014 een studiedag organiseerden, gewijd aan het werk van professor emeritus Herman De Dijn.
Naast zijn wetenschappelijke bijdragen publiceert De Dijn al meer dan twintig jaar ook boeken, bijdragen en opinies die een breed lezerspubliek in Vlaanderen en Nederland vinden. Zijn analyse van de postmoderne (en tegenwoordig ‘laatmoderne’) tijd, zijn aandacht voor de rol van traditie en religie, zijn interventies in het publieke debat omtrent euthanasie en bio-ethische kwesties zijn tamelijk goed bekend. Op de studiedag gingen collega’s Roland Breeur, Willems Lemmens, Stéphane Symons en Guido Vanheeswijck in op aspecten van het werk van De Dijn. De bijdrage van Vanheeswijck was gebaseerd op een tekst die al eerder in Ethische perspectieven verscheen, maar de teksten van de anderen vindt u in dit nummer, steeds gevolgd door een korte reactie van De Dijn.i
In de drie bijdragen staat steeds een ander boek van De Dijn centraal, bij Breeur het recent verschenen ‘Vloeibare waarden’ (2014); bij Lemmens ‘De sacraliteit van leven en dood’ (samen met Arnold Burms, 2011), bij Symons ‘Hoe overleven we de vrijheid?’ uit 1994.
We openen met de tekst van Willem Lemmens ‘Euthanasie en menselijke waardigheid: de grenzen van de zelfbeschikking’, die aansluit bij de discussie die door Casteur, Bieseman en Mortier in het maartnummer van dit tijdschrift is gestart. De Dijn is in de discussie omtrent euthanasie van bij het begin een zeer kritische stem geweest die de nieuwe wet(ten) steeds op lucide wijze heeft bekritiseerd vanuit een cultuurfilosofische analyse van het misleidende beroep op zelfbeschikking dat in de discussie steeds weer gedaan wordt. Belangrijker is het in deze kwestie om grondig na te denken over menselijke waardigheid. Lemmens treedt dit standpunt bij en breidt het uit in het licht van de laatste ontwikkelingen – die door De Dijn overigens deels voorspeld waren bij de stemming van de wet in 2002.
Stéphane Symons en Roland Breeur bespreken achtereenvolgens het ethische karakter van de eis tot herdenking, in ‘Hoe overleeft de vrijheid ons?’, en de paradoxale relatie tussen vrijheid en verantwoordelijkheid zoals die vandaag de dag al te vaak begrepen wordt in ‘Propos over symbolische vrijheid’.
Pagina : 129 - 130