| |
 |
| Ethische Perspectieven |
 |
| Maart - Nummer : 1/1996 |
| |
| Rabin's Tainted Greatness : een Joodse visie op de moord op Rabin |
| Didier Pollefeyt |
| Marc Ellis |
| |
Pagina : 21 - 27 |
 |
| |
In het hedendaagse Joodse denken neemt de Amerikaanse bevrijdingstheoloog Marc Ellis een bijzondere plaats in. Zijn bekende trilogie over Joodse ethiek en theologie vindt haar vertrekpunt in het gangbare kader van het huidige Joodse denken: de holocaust als formatief gebeuren voor het Joodse leven vandaag. Maar van hieruit ontwikkelt Ellis een aantal andere inzichten dan de meeste Joodse denkers van vandaag.
In de actuele Joodse theologie wordt de staat Israël meestal gelegitimeerd vanuit de noodzaak aan Joodse politieke macht, in het bijzonder na de tragische situatie van machteloosheid gedurende de Tweede Wereldoorlog. Volgens de invloedrijke Joodse theoloog Emil Fackenheim hebben de Joden de heilige plicht om ‘Hitler geen postume overwinning te bezorgen’. Ze mogen niet doen waar Hitler niet in slaagde: de vernietiging van het Jodendom en zijn ethische boodschap. Na Auschwitz is het Joodse overleven zelf heilig geworden. In deze benadering spreekt ongetwijfeld de logica van het gezond verstand: geen enkel volk kan zich veroorloven niet bekommerd te zijn om zijn veiligheid.
Men kan hier denken aan het verwijt dat de Joden zich in Auschwitz als schapen naar de slachtbank hebben laten leiden. Zichzelf als gemeenschap nog langer machteloosheid opleggen zou voor het Joodse volk zowel in het licht van de catastrofale Europese geschiedenis als van de actuele en onverbloemde Arabische (doods)bedreigingen ten aanzien van Israël volstrekt immoreel zijn.
De legitimiteit van Israël en het binnentreden van de Joden in de machtsgeschiedenis wordt door Ellis helemaal niet ontkend, integendeel. Als Jood stelt hij echter het onderliggend ethisch en
theologisch denkschema ter discussie dat als legitimatie bij deze machtsontplooiing wordt gehanteerd. In het manicheďstisch denken van Fackenheim wordt het Joodse overleven zonder meer tot een getuigenis ten gunste van het Goede en tegen de krachten van het kwaad in de wereld. Aan de hand van dit denkpatroon wordt het onderscheid tussen gelovige authenticiteit (‘trouw’) en inauthenticiteit (‘verraad’) vaak theologisch en ethisch geherdefinieerd in termen van de onvoorwaardelijke steun respectievelijk de bedreiging die men betekent voor de macht van de staat Israël.
Ellis is uitermate kritisch voor die Joodse geloofsgenoten die op grond van een manicheďstisch gebruik van het kwaad van Auschwitz elke meer kritische benadering van de Joodse machtsontplooiing in een kwaad daglicht plaatsen. Een dergelijk ethisch en theologisch gebruik van Auschwitz leidt uiteindelijk immers tot onverschilligheid voor de bevrijdingsgeschiedenis die anderen — en in het bijzonder de Palestijnen — voeren. |
 |
78,25 Kb |
 |
|
|
|
Recentste uitgave 23 (2013) 1 |
 |
 |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|