| |
 |
| Ethische Perspectieven |
 |
| Juli - Nummer : 2/1999 |
| |
| Hoe aanvaardbaar is extreem-rechts? |
| Bart Pattyn |
| |
Pagina : 87 - 90 |
 |
| |
Jaak Billiet, Eva Brems, André Decoster, Hans De Witte, Cyrille Fijnaut, René Foqué, Rudi Laermans,
Albert Martens, Bart Pattyn, Didier Pollefeyt, Georgi Verbeeck, Louis Vos, Herman Nys,
Lieve Vandemeulebroecke, Marc Swyngedouw en Toon Vandevelde
Het is één van de taken van het Overlegcentrum voor Ethiek de interdisciplinaire dialoog over ethisch-maatschappelijk relevante onderwerpen tussen academici die vanuit verschillende disciplines komen, te stimuleren. Voorliggende tekst is het resultaat van een dergelijk `overleg'. Professoren en wetenschappelijke medewerkers van de KU Leuven gingen samen aan tafel zitten om na te denken over de betekenis van extreem-rechts in onze samenleving. Deze tekst verscheen reeds eerder als opiniestuk in De Standaard.
Na de verkiezingen van november 1991 werd geschokt gereageerd. De doorbraak van het Vlaams Blok werd immers beschouwd als een heropleving van een extreem-rechtse strekking waarvan men had gehoopt definitief afscheid te hebben genomen. In 1991 haalde het Vlaams Blok in Vlaanderen 10,3% van de stemmen. Zondag 13 juni was dat 15%. Toch lijkt men nu minder ontdaan te reageren dan in 1991. De aandacht wordt immers afgeleid door de spectaculaire terugval van de regeringspartijen. Daarenboven heeft het `falen' van de Vlaams Blok strategie in Brussel en de forse stemmenwinst van de groene partijen de confrontatie met het succes van extreem-rechts minder bitter gemaakt. Zijn er echter redenen om nu minder ongerust te zijn dan in 1991?
De thema's die het Vlaams Blok tijdens de aanloop van de verkiezingen uitdroeg, hebben in de publieke opinie weerklank gevonden. Al kwam het veiligheidsprobleem reeds vanaf '90 in andere partijprogramma's voor, de partijleiding van het Vlaams Blok slaagde erin te laten uitschijnen dat zij het waren die met dit thema voor een doorbraak hadden gezorgd.
Met een pleidooi voor een gezinsbeleid en solidariteit - voor zover die betrekking heeft op de eigen volksgemeenschap - probeerde de partijleiding het beeld te versterken van een partij met een voor een breder publiek aanvaardbaar programma.
Niet alleen het programma, ook de stijl waarmee dat programma werd verdedigd, werd strategisch bijgekleurd. Was de taal van de eerste politieke campagnes nog onbehouwen, de laatste jaren werden publicaties en commentaren zorgvuldig geredigeerd. Deze optie werd versterkt omdat extreem-rechts juridisch nauwlettend in het oog werd gehouden. Door een recente wet kunnen immers de subsidies aan partijen die racistische programmapunten verdedigen, ingehouden worden en door de wijziging van artikel 150 van de Grondwet werd een uitzondering gemaakt op de bevoegdheid van het Hof van Assisen met de bedoeling om racistische persmisdrijven doeltreffender te kunnen veroordelen. Zinswendingen die zouden kunnen aanleiding geven tot een racistische interpretatie werden daarom aangepast of omgebogen. Van elk moreel tegenargument en van elke juridische aanklacht werd geleerd en zo probeerde de partijleiding de indruk te geven dat de boodschap van extreem- rechts thans een acceptabel karakter heeft. Ondanks vormelijke ingrepen zoals het gebruik van het begrip `cultureel' of `etnisch' waar vroeger `raciaal' stond, werden de eerder verdedigde denkbeelden echter nooit expliciet herroepen. De kern van de boodschap bleef nagenoeg onveranderd. Het Blok gaat nog steeds uit van de veronderstelling dat alleen een zuiver homogene cultuur aanleiding geeft tot een natuurlijk beleefde solidariteit en dat alleen dit soort `volks'-solidariteit er individuen toe aanzet zich te engageren voor het welzijn van zijn of haar gemeenschap. Het Blok ijvert daarom nog steeds voor een mono-etnisch zuivere staat. Deze harde kern van de extreem-rechtse boodschap werd omgeven met selectief gekozen argumenten die komen uit gangbare levensbeschouwelijke stromingen en met uit hun context gehaalde citaten uit redevoeringen van populaire figuren. Met dit soort retorisch taalgebruik werd het extremistische karakter van het programma gemaskeerd.
Door een aantal blunders van het politiek beleid en door de crisissfeer die in de media rond dit falen werd gecultiveerd, is het voor veel mensen onduidelijk waarin de gevestigde politieke partijen zich in moreel opzicht van het Vlaams Blok onderscheiden. Bestaat dat verschil? Heeft extreem-rechts thans een meer aanvaardbaar karakter? Het is nodig dat het beeld van extreem- rechts in Vlaanderen opnieuw scherp wordt gesteld.
Het initiatief om deze vraag uitdrukkelijk aan de orde te stellen werd reeds voor de verkiezingen genomen. De auteurs hebben er evenwel doelbewust voor gekozen om pas na de verkiezingen met hun antwoord naar buiten te treden omdat ze het inopportuun achtten bij te dragen tot de aandacht en het `vervolgingsimago' die deze partij zichzelf toemeet. Het Vlaams Blok probeert te laten uitschijnen dat niet zij een ondemocratische positie verdedigen maar wel hun politieke tegenstanders. Deze omkering maakt enkel indruk zolang men onvoldoende aandacht schenkt aan de basisbeginselen die in het partijprogramma van het Vlaams Blok weerspiegeld worden.
Nu de verkiezingen echter voorbij zijn lijkt het ons raadzaam om sober en genuanceerd in te gaan op de vraag in welke mate het programma van het Vlaams Blok al dan niet aanvaardbaar zou zijn. Dat het succes van het Vlaams Blok een symptoom is van reële problemen die vaak ondoelmatig werden aangepakt, staat hier buiten discussie. Die problemen moeten inderdaad zorgvuldig worden aangepakt. Het is echter niet omdat een kwaal zorgwekkend is geworden, dat heilloze remedies een legitiem karakter krijgen. In deze standpuntbepaling viseren we niet de kiezers van het Blok en zelfs niet de concrete personen die zich met deze partij vereenzelvigen, maar wel het partijprogramma. |
 |
108,01 Kb |
 |
|
|
|
| Recentste uitgave 17/1 (2007) |
 |
 |
|
|
|
|
|
|
|
| Centra |
 |
 |
 |
Centrum voor Biomedische Ethiek en Recht |
 |
Centrum voor Economie en Ethiek |
 |
Centrum voor Ethiek en Waardeonderzoek |
 |
Centrum voor Ethiek, Sociale en Politieke Filosofie |
 |
Centrum voor Wetenschap, Techniek en Ethiek |
 |
Chaire Hoover d'ethique et sociale |
 |
Ethics.be |
 |
|
 |
European SPES Forum |
 |
Master in Applied Ethics |
 |
Multatuli-lezing |
 |
Overlegcentrum voor Ethiek |
 |
SPES-Forum Vzw |
 |
Wetenschap en ethiek |
|
|
|
|