| |
 |
| Ethische Perspectieven |
 |
| Juni - Nummer : 2/2002 |
| |
| Woord Vooraf - morele, politieke en levensbeschouwelijke keuzes |
| Bart Pattyn |
| |
Pagina : 75 - 76 |
 |
| |
Wellicht hebben we ons te lang voorgehouden dat er niets aan onze aandacht kan ontsnappen. In elk geval betrouwden we op de kwaliteit van onze inzichten en gingen we ervan uit dat economische vooruitgang en goed bestuur tevreden burgers geven. Voor goed bestuur was Nederland het model, tenminste tot voor kort, want tijdens de Fortuyn-episode is gebleken dat erg veel modelstaatburgers ontevreden zijn. Sindsdien vragen beleidsverantwoordelijken zich ook bij ons vertwijfeld af hoe het toch komt dat in een welvarend land met tal van sociale voorzieningen zoveel onvrede heerst.
Waarom laten de burgers niet blijken dat ze blij zijn in een land te leven dat het in allerlei opzichten beter doet dan andere landen? Waarom is de toon van columnisten zo bitter en waarom zijn zoveel kiezers onverzoenlijk? Het is voor heel wat technocraten onbegrijpelijk en het zal voor hen wellicht onbegrijpelijk blijven zolang ze geen afstand doen van de stereotiepen waarmee ze de sociale werkelijkheid bekijken.
De realiteit van vandaag dwingt ons een ander paradigma aan te nemen. Het probleem is echter dat het oude interpretatiemodel meer was dan een instrument om de werkelijkheid in beeld te brengen. Het fungeerde tegelijk als een wiegeliedje. Het versterkte de geruststellende overtuiging dat met onze samenleving alles in orde is zolang mensen in staat zijn om hun basisbehoeften te bevredigen. Vandaag duiken er echter zowel binnen als buiten onze samenleving steeds vaker en steeds scherper wordende tegenstellingen op, die vanuit de traditionele invalshoek onverklaarbaar blijven.
Het klassieke paradigma is bijzonder liberaal. Het gaat uit van de idee dat de kleur van iemands principes, de aard van iemands religie, de manier waarop iemand zichzelf hoop geeft, het soort passie die iemand drijft of de ideologie waaraan iemand de zin van zijn of haar leven ontleent, in de publieke sfeer buiten beschouwing kunnen blijven. Dit soort zaken behoort tot het domein waar elk individu vrije keuzes maakt, wat impliceert dat het zaken betreft waarmee de gemeenschap zich niet mag bemoeien. Dat uitgangspunt heeft geleid tot twee pijnlijke misverstanden.
Vooreerst worden morele, religieuze en politieke keuzes daardoor ondergebracht in dezelfde categorie als deze van om het even welke andere ‘preferenties’, waarbij de indruk ontstaat dat ze van dezelfde orde zijn als de keuzes die men maakt in een warenhuis voor het rek met verschillende soorten waspoeder. Men dacht en denkt bijvoorbeeld nog steeds mensen tot morele en politieke preferenties te kunnen verleiden met dezelfde advertentietechnieken als die voor andere consumptieartikelen. Waspoeder, een moreel engagement voor een specifiek doel, of een politicus, ze worden op een gelijkaardige manier aangeprezen. Dat maakt dat elk beroep – om het even of het gaat om dat van een politicus, een journalist, een advocaat of een wetenschapper – op dezelfde manier wordt gewaardeerd als dat van een marktkramer: welbespraakt maken ze het meeste indruk, maar ze zijn niet te betrouwen.
Daarnaast gaat men ervan uit dat in de samenleving van vandaag geen duidelijk onderscheiden culturele groepen meer bestaan die het individu bij zijn morele, politieke en levensbeschouwelijke keuzes beďnvloeden.
Alle groepsverbanden zouden vervagen waardoor elk individu ongebonden en op basis van eigen inzichten zijn of haar individuele keuzes maakt. Dat blijkt totaal onjuist. Er tekenen zich in onze samenleving nieuwe culturele groepen af met specifieke opvattingen en mediavoorkeur, op basis waarvan men iemands opvattingen, iemands politieke voorkeur, iemands onderwijsloopbaan en carričre en dat van zijn of haar kinderen verregaand kan voorspellen.
De basis van het neutraliseringsproject, waarbij alles waarin mensen en groepen pijnlijk van elkaar kunnen verschillen als irrelevant wordt afgedaan, is het naďeve geloof dat elk individu het in dit soort postmoderne context wel zal rooien. Iedereen sprokkelt zich wel een identiteit bij elkaar. De overheid kan zich uitsluitend concentreren op maatregelen die gericht zijn op economische vooruitgang. Wanneer individuen over voldoende koopkracht beschikken zullen zij ook wel op het postmaterialistische vlak aan hun trekken komen.
De realiteit duidelijk blijkt anders. Mensen willen gewaardeerd worden. Waardering verwerf je niet op je eentje. Om gewaardeerd te worden moet men deel uitmaken van allerhande sociale verbanden waarbinnen je een bepaalde gewaardeerde functie kan uitoefenen. Een van de domeinen waar dat het sterkst speelt is het domein van de arbeid. In de huidige informatiemaatschappij kunnen enkel beter opgeleiden zich helden wanen. Andere zones waar mensen publieke waardering kunnen krijgen werden systematisch geprivatiseerd, gecommercialiseerd en getrivialiseerd. Het resultaat is een ontevreden bevolking. De populaire media hebben die onvrede efficiënt kunnen maskeren. Zij hebben een virtuele gemeenschap gecreëerd waarin gezelligheid en amusement frustratie en gebrek aan waardering weten te verdoezelen. Vroeg of laat komt dat ongenoegen echter toch aan de oppervlakte.
In voorliggend nummer wordt de relatie tussen media en politiek aan een grondig onderzoek onderworpen. Onderzoekers van bij ons en toponderzoekers uit de Verenigde Staten en Duitsland kwamen tijdens de Politeia conferentie van mei 2002 samen en dachten na over Politieke Massacommunicatie en Retoriek: Het einde van de ideologische ledenbeweging, de opkomst van ‘life-style politics’ en de gevolgen daarvan. Men vindt de neerslag van die conferentie in voorliggend nummer. |
 |
50,43 Kb |
 |
|
|
|
| Recentste uitgave 17/1 (2007) |
 |
 |
|
|
|
|
|
|
|
| Centra |
 |
 |
 |
Centrum voor Biomedische Ethiek en Recht |
 |
Centrum voor Economie en Ethiek |
 |
Centrum voor Ethiek en Waardeonderzoek |
 |
Centrum voor Ethiek, Sociale en Politieke Filosofie |
 |
Centrum voor Wetenschap, Techniek en Ethiek |
 |
Chaire Hoover d'ethique et sociale |
 |
Ethics.be |
 |
|
 |
European SPES Forum |
 |
Master in Applied Ethics |
 |
Multatuli-lezing |
 |
Overlegcentrum voor Ethiek |
 |
SPES-Forum Vzw |
 |
Wetenschap en ethiek |
|
|
|
|